Nienke’s tekendagboek

Mijn nichtje Nienke tekent erg graag. En ik had net in de boekbindcursus die ik volg geleerd hoe ik een Japanse binding kon maken. Het leek me leuk om een tekendagboek voor haar te maken, zodat ze elke dag kon opschrijven wat ze gedaan had, en daar op de tegenoverliggende bladzijde een tekening over kon maken.

Eigenlijk moet je handgeschept papier gebruiken voor een Japanse binding. Maar omdat dat nogal prijzig zou worden, heb ik ‘gewoon’ tekenpapier gebruikt: formaat A3, gewoon een blok bij de Hema gekocht. Die heb ik verticaal doorgesneden en dubbel gevouwen. Dan moest dus op één kant gedrukt worden, en de andere kant (die de tegenoverliggende bladzijde zou worden) zou dan leeg blijven. Als letter koos ik voor de 14 punts Roos Romein. Die is prettig leesbaar — ook voor beginnende lezertjes!

Een dagboekpagina

Ik koos voor een paar regels: “Datum”, “Het weer was”, “Ik voelde me” en “Ik deed vandaag”. Er moet natuurlijk wel genoeg plek overblijven om (groot) te schrijven en te tekenen. En toen het gezet was, werd het tijd om te gaan drukken!

Gedrukte bladzijdes liggen te drogen
Drukwerk in uitvoering

Mijn druk-setup is een beetje geïmproviseerd. De pers zet ik op een workmate: past prima, en is op een redelijke hoogte. Voor de pers leg ik het te bedrukken papier. Daarnaast zet ik het oude naaitafeltje dat van de oma van mijn vrouw is geweest. Het is licht en met een redelijke oppervlakte, waar ik het pas gedrukte papier te drogen leg. Bij grotere oplages kom je al snel ruimte tekort, maar als je — zoals bij deze drukgang — maar weinig oppervlakte bedrukt, dan kan je de bladzijdes deels over elkaar heen leggen. Dat scheelt een hoop ruimte, en zo kan ik veel meer papier kwijt. Het is niet ideaal, maar het werkt en is ook snel weer af te breken en op te ruimen. Dat is ook wat waard.

Zetraam en der corresponderende afdruk

Je bent er toch weer een avondje zoet mee. Er gaat toch weer een hoop tijd zitten in het opbouwen op voorhand en het schoonmaken en opruimen naderhand. Overigens merkte ik dat de latere afdrukken scherper waren dan de eerste afdrukken. De les is dat de inkt eerst eventjes op de schijf moet ‘versterven’ zodat het wat plakkeriger en viscoser is. De volgende keer gaan we dat zeker uitproberen.

Gaten voor het binden in de stapel maken

En toen kwam het inbinden. (OK, Druk Gedoe gaat eigenlijk over het drukken zelf, maar ook het inbinden is een belangrijk onderdeel van het proces, dus dat laat ik ook hier zien.) Eerst de punten voor de binding uitgemeten en ingetekend, en toen in een aantal keren met een priem (of een ‘elsje’, in jargon) de gaten gemaakt. Hard werken, met zulk stijf papier, maar het is uiteindelijk gelukt.

De drie dagboeken

Uiteindelijk heb ik drie dagboekjes gemaakt. Elk boekje heeft ruimte voor 21 dagen, dus in totaal zijn het 9 weken. Ik heb voor elk boekje een slappe kaft gemaakt met mooi gedecoreerd papier. Voor de binding zelf heb ik gewaxed linnen garen gebruikt, en de hoekjes zijn met gecacheerd linnen beplakt. Natuurlijk alles in een bijbehorende kleur.

Hier liep ik wel aan tegen het feit dat ik geen ‘vierkant’ (handgeschept, zonder looprichting) papier had. De kaft wordt namelijk gemaakt door de randen om te vouwen en vast te plakken. Daarna wordt de hele achterkant ingelijmd en op het eerste blad geplakt. Maar doordat dit papier een looprichting had, begon het te ‘strekken’ van het water in de lijm. Normaliter (bijvoorbeeld als je het als schutblad gebruikt) is dat niet zo’n probleem: je drukt het vanuit één punt aan, en wat er dan overblijft snij je gewoon weg. Maar omdat de randen al omgelijmd waren en het papier dus niet kon uitzetten, kreeg ik een soort ‘berg’ in het midden. Dat leverde soms wat kreukels op, die ik er ook niet met aanwrijven met een vouwbeen er uit kreeg. Dat is ook de reden dat de kaften een beetje open staan: het papier is, bij het drogen, weer gekrompen, en neemt het eerste blad mee.

Detail van het hoekje en de binding

Je kunt hier heel goed de binding en het hoekje zien. Ik heb de basis-binding gebruikt. Er zijn vele varianten die wat decoratiever zijn, maar daar zijn meer gaten voor nodig, en ik had al moeite genoeg met de acht gaten die de basis-binding vereist! Het hoekje zorgt er voor dat de randen van het boekje niet uitwaaieren.

 

Bij de Japanse binding zit de vouw aan de buitenkant

Het grappige van de Japanse binding is dat de vouw aan de buitenkant van het boek zit, en niet zoals bij andere bindingen juist aan de binnenkant. Voor dit tekendagboek had het nog een belangrijke functie: geen pagina heeft twee kanten. Dus als Nienke met flink dikke stiften tekent die aan de achterkant van het papier doorschijnen, dan heeft ze daar de volgende dag geen last van bij het schrijven!

Of de Japanse binding nou het meest praktische is voor een tekendagboek weet ik niet zeker: de boekjes vallen niet echt heel mooi open, dus je krijgt al snel een behoorlijke vouw. En het is natuurlijk ook jammer dat ze een beetje open blijven staan. Maar dat mag de pret niet drukken: Nienke was erg blij met haar dagboekjes en heeft er meteen in zitten tekenen en schilderen! Na 9 weken kijken we wel verder of misschien een ingebonden boekje beter past!

One comment

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.